De Porceleyne Lampetkan tabakspot met koperen deksel-7

Halverwege de 17e eeuw zien we dat de export vanuit China vanwege interne strubbelingen i sterk terugloopt. De VOC wil de lucratieve handel in porselein in stand houden en probeert dan vanuit Japan de terugval in porselein productie op te vangen. Het Japans porselein is echter duur en er worden lang niet zoveel stukken geproduceerd. Dat betekent kansen voor de Delftse industrie en in de tweede helft van de 17e eeuw zien we dat er veel fabriekjes voor de productie van aardewerk bijkomen. In de 18e eeuw krijgt de Delftse aardewerkindustrie met een groot aantal problemen te kampen. De productie van Chinees porselein komt weer op gang en er worden stukken in een nieuwe mode in famille rose en decoraties die de Chinezen aan het succesvolle 17e eeuwse Imari ontleend hebben. In Meissen ontdekt men hoe porselein gemaakt moet worden en Engeland komt op als machtig land waar de industrie zich mede ontwikkeld als gevolg van een technische revolutie in het kielzog van de ideeën van de Verlichting. Een fabriek als Wedgwood exporteert een goede kwaliteit gebruiksgoed tegen concurrerende prijzen naar Nederland. Rond 1800 zijn er nog maar een paar fabrieken in Holland die de concurrentiestrijd overleefd hebben. In onze collectie hebben we een tabakspot van De Porceleyne Lampetkan; een van de belangrijkste fabrieken in de Delftse aardewerkindustrie. Het merk aan de onderkant is gebruikt tussen 1743 en 1756 (Julius Matusz, Delfter Fayence, 1977). Het decor bestaat uit een cartouche met de tekst Martiniek, aan weerszijden twee rokende indianen. Hoogte ca 26 cm (exclusief deksel).

Halverwege de 17e eeuw zien we dat de export vanuit China vanwege interne strubbelingen i sterk terugloopt. De VOC wil de lucratieve handel in porselein in stand houden en probeert dan vanuit Japan de terugval in porselein productie op te vangen. Het Japans porselein is echter duur en er worden lang niet zoveel stukken geproduceerd. Dat betekent kansen voor de Delftse industrie en in de tweede helft van de 17e eeuw zien we dat er veel fabriekjes voor de productie van aardewerk bijkomen.
In de 18e eeuw krijgt de Delftse aardewerkindustrie met een groot aantal problemen te kampen. De productie van Chinees porselein komt weer op gang en er worden stukken in een nieuwe mode in famille rose en decoraties die de Chinezen aan het succesvolle 17e eeuwse Imari ontleend hebben. In Meissen ontdekt men hoe porselein gemaakt moet worden en Engeland komt op als machtig land waar de industrie zich mede ontwikkeld als gevolg van een technische revolutie in het kielzog van de ideeën van de Verlichting. Een fabriek als Wedgwood exporteert een goede kwaliteit gebruiksgoed tegen concurrerende prijzen naar Nederland. Rond 1800 zijn er nog maar een paar fabrieken in Holland die de concurrentiestrijd overleefd hebben.

In onze collectie hebben we een tabakspot van De Porceleyne Lampetkan; een van de belangrijkste fabrieken in de Delftse aardewerkindustrie. Het merk aan de onderkant is gebruikt tussen 1743 en 1756 (Julius Matusz, Delfter Fayence, 1977). Het decor bestaat uit een cartouche met de tekst Martiniek, aan weerszijden twee rokende indianen. Hoogte ca 26 cm (exclusief deksel).